Kuitert: vernieuwer of vernietiger?

 

door Jacques van der Meer & Tjerk Muller

 

 

Navigatietips:

 

Dit artikel werd naar het Nederlands Dagblad gezonden

 


Jacques van der Meer & Tjerk Muller, Tilburg, November 1999.

 

Onlangs werd de gevierde en verguisde theoloog H.M.Kuitert 75 jaar. De gereformeerde emeritus-hoogleraar, die bekend is van zijn boeken met kritische inhoud ten opzichte van de traditionele dogma's, heeft zich in de afgelopen tijd vele malen beklaagd over de wijze waarop de orthodoxen hem behandelen. Deze wijze van handelen stuit hem hevig tegen de borst. In dit korte artikel willen we nader op dat probleem ingaan en als traditionele christenen de Kerken een oplossing bieden.

Kuitert schrijft al enkele decennia veelgelezen boeken. De vele herdrukken die zijn boeken ondergaan geven aan dat de inhoud van zijn boeken herkenning vindt bij veel mensen. Kuitert geeft zelf aan waarom hij zijn boeken schrijft en blijft schrijven: "een wezenlijke bijdrage leveren aan het emancipatieproces waarin onze samenleving zich vandaag bevindt, en wel door voor haar deel eraan mee te werken dat onmondigmakende theorieen worden doorgelicht" (uit: Wat heet geloven, pag 15).Kuitert tracht met zijn boeken een bewustwordingsproces onder christenen op gang te brengen door ze mondiger te maken (zie ook pag 16). Kuitert bespreekt in zijn boeken verschillende vragen die veel bij christenen leven, maar die ze vaak niet hardop durven te stellen. De vraag die ons het meest fascineert is, hoe het toch kan dat schrijvers als Kuitert zo'n succes hebben en tegelijkertijd dat de Kerk zich vaak krampachtig opstelt tegen de inhoud van zijn boeken? De Kerk kan volgens ons veel leren van de boeken van Kuitert. Kuitert houdt de kerk een spiegel voor en laat met zijn succes zien, welke nood er heerst onder vele gelovigen. Veel gelovigen lopen met intellectuele twijfels rond. Die intellectuele twijfels komen voort uit hun confrontatie met de moderne cultuur. Hoewel die confrontaties niet zonder meer leiden tot weerlegging van het geloof, leiden ze vaak tot een langzaam proces van ondergraving van het orthodoxe geloof. Kuitert doet het dan ook opmerkelijk goed in kerkelijke kringen.

De tactiek die de Kerk hanteert getuigt ons inziens van een structureel onvermogen om met de moderne cultuur om te gaan, en vooral hoe ze daarbij haar boodschap op effectieve wijze moet verkondigen. Iemand als Kuitert dient beantwoord te worden op hetgeen hij verkondigt. Van de kant van Kerkelijke leiders horen we, uitzonderingen daargelaten, meestal niet anders dan een radicale afwijzing van Kuitert, puur en alleen op grond van het feit dat hij niet in lijn is met de dogma's van de Kerk. Maar wil de Kerk recht doen aan de inhoud van zijn boeken en zo eerlijk mogelijk omgaan met een persoon als Kuitert, dan dient men de inhoud van zijn boeken op een inhoudelijke en beargumenteerde wijze te weerleggen of te beantwoorden. Ons inziens is dit mogelijk. De Kerk moet dit ook als een uitdaging zien. Kuitert haalt met zijn boeken de kern van het christelijk geloof op de voorgrond. De Kerk kan deze uitdaging aangrijpen om te laten zien dat deze kern letterlijk een rots is waarop je kunt bouwen.

Maar om dit te kunnen doen zal er een mentaliteitsverandering moeten komen. Er is in veel kerken zowel in de traditionele als de evangelische een anti-intellectualisme binnengeslopen. Dit wordt tot onze verbazing door velen ook nog eens als een soort deugd beschouwd. We hebben al meerdere malen ondervonden wat voor een weerstand er bestaat tegen een vorm van geloven dat op zoek is naar redelijk inzicht. Er is in vrijwel geen enkele kerk meer plaats voor een fatsoenlijke geloofsverdediging vanwege het uitsluitend bevindelijke karakter en de nadruk op emotionele ervaring. Liever volgt men zonder zelf na te hoeven denken, de dogma's na, dan dat men zich serieus met de kernvragen van het christelijk geloof bezighoudt. Het is juist dit, dat de impact van Kuitert heeft gemaakt tot wat deze nu is. Kuitert is niet werkelijk een bedreiging voor de Kerk, omdat zijn argumenten niet zo sterk zijn als men dat doet voorkomen. De Kerk die nu al enkele decennia met Kuitert rekening dient te houden, heeft nog niet duidelijk een antwoord geformuleerd, uitzonderingen daargelaten, maar zich eerder uit het academische debat teruggetrokken in haar (dogmatische) vesting. Zodoende lijkt Kuitert voor de buitenwacht onoverwinnelijk.

De kloof tussen de kerk en de cultuur groeit sterk in ons land. En gezien het structurele onvermogen van veel kerken om de traditionele boodschap in de cultuur te brengen, zal dit alleen maar groter worden. Mensen accepteren niet zomaar dingen. De hedendaagse mondige mens wil vaak redenen horen en overtuigd worden, dat is ook iets wat Kuitert in zijn boeken terecht aanhaalt. Het blijkt al met al dat het in onze cultuur het niet meer mogelijk is om te (s)preken zonder een weldoordachte geloofsverantwoording. Deze geloofsverantwoording wordt apologetiek genoemd. Deze apologetiek is nodig omdat zij het onderdeel van het geloof is, die de moeilijke vragen van het christelijk geloof bespreekt. En er zijn goede argumenten voor de waarheid van het christelijk geloof. En wanneer de kerken niet tot het inzicht komen hoe waardevol deze argumenten zijn bij de verkondiging en eventueel bij de pastorale zorg naar mensen toe, dan zullen mensen als Kuitert hun triomftocht voor de vrijzinnigheid onverminderd doorzetten.

In de gelijkenis van de onrechtvaardige rentmeester beklaagt Jezus zich over het feit dat de kinderen van deze tijd vaak met meer overleg te werk gaan dan de kinderen van het licht (Luc 16:8). We hebben al te vaak ondervonden dat niet-christenen meer weten van het ontstaan en de ontwikkeling van het christendom dan de christenen zelf, en dat ze daar ook nog eens beter over nagedacht hebben. Kuitert is nu 75 geworden. Laten we als traditionele christenen ons hoofd erbij hangen om zodoende Kuitert de kans te geven de traditionele dogma's verder af te breken? Of nemen we onze bijbelse opdracht serieus (1 Petrus 3:15), en kunnen we mensen bij de tachtigste verjaardag van Kuitert horen zeggen "de christelijke apologetiek bracht me terug bij de traditionele dogma's." De Engelse schrijver G.K. Chesterton heeft ooit gezegd: "Het christendom is niet geprobeerd en te licht bevonden. Het is weerbarstig bevonden en daarom niet echt geprobeerd."

 

 

Jacques van der Meer studeert psychologie en wetenschapsfilosofie in Tilburg en behoort tot de Nederlands-Hervormde kerk (Geref. Bond)
Tjerk Muller studeert theologie in Utrecht en behoort tot de Vergadering van gelovigen.
Beiden zijn actief bij de vorig jaar opgerichte Stichting Europese Apologetiek. Voor meer informatie: www.apologetique.org

 

Jacques van der Meer & Tjerk Muller, Tilburg, November 1999.

 

Verwant artikel:


 

Aantal bezoekers sinds 3 dec. 1999:

 


UNIVERSI FINIS VERITAS!

 

Site Design: Copyright 1998-2000 Stichting Europese Apologetiek
Pagina gemaakt op: 5 dec. 1999
Pagina bijgewerkt op: